Mijn dochter stuurt me elke maand geld – maar haar geheim drukt zwaar op mijn hart
‘Mam, alsjeblieft, beloof me dat je het niet aan Daan vertelt. Hij mag het echt niet weten.’
Haar stem trilde aan de andere kant van de lijn. Ik zat aan de keukentafel, mijn handen om een kop lauwe thee geklemd. Het was een grauwe woensdagmiddag in maart, regen tikte tegen het raam. Mijn dochter Marieke, mijn enige kind, mijn trots, klonk wanhopig. En ik? Ik voelde me verscheurd.
‘Maar lieverd, ik wil niet dat je in de problemen komt door mij. Je hebt zelf ook een gezin…’ probeerde ik voorzichtig.
‘Mam, alsjeblieft. Dit is belangrijk voor mij. Jij hebt alles voor mij gedaan. Nu wil ik iets terugdoen. Maar Daan vindt dat je zelfredzaam moet zijn. Hij begrijpt het niet. Als hij erachter komt, krijg ik ruzie met hem. Beloof het me gewoon.’
Ik slikte. ‘Ik beloof het.’
En zo begon het. Elke maand maakte Marieke een bedrag over naar mijn rekening. Soms €200, soms €300, afhankelijk van hoe krap ze zelf zat. Ze deed het in het geheim, zonder dat haar man Daan er iets van wist. En elke maand voelde ik me dankbaar én schuldig tegelijk.
Het is niet altijd zo geweest. Toen Marieke nog klein was, woonde we samen in het kleine huisje in Amersfoort dat ik van mijn moeder had geërfd. Haar vader, Bart, was al weg voordat ze haar eerste stapjes zette. Ik herinner me nog de avond dat hij zijn koffers pakte. ‘Ik kan dit niet meer, Anja,’ zei hij. ‘Het leven hier… het verstikt me.’
Ik stond in de deuropening met Marieke op mijn arm, haar hoofdje tegen mijn schouder gedrukt. ‘En wij dan?’ vroeg ik zacht.
Hij keek weg. ‘Je redt je wel. Je bent altijd sterker geweest dan ik.’
Sterker? Misschien. Maar de jaren daarna waren zwaar. Ik werkte als caissière bij de Albert Heijn, nam schoonmaakbaantjes aan bij mensen in de buurt en verkocht zelfs sieraden op de markt om rond te komen. Marieke zag me ploeteren, maar ik probeerde altijd te lachen als zij keek.
Toen ze achttien werd en naar Utrecht ging om psychologie te studeren, huilde ik tranen met tuiten van trots én verdriet. Ze was slim, ambitieus en vastberaden om iets van haar leven te maken – iets beters dan wat ik haar kon bieden.
Nu is ze dertig, getrouwd met Daan – een keurige man uit een nette familie in Hilversum. Ze hebben samen een dochtertje, Sophie. Op papier lijkt alles perfect.
Maar achter die façade schuilt een spanning die niemand ziet.
‘Waarom moet het allemaal zo stiekem?’ vroeg ik haar laatst toen ze langskwam met Sophie.
Ze keek me aan met die grote blauwe ogen die ze van haar vader heeft. ‘Omdat Daan vindt dat ouders hun eigen boontjes moeten doppen,’ zei ze zacht. ‘Hij vindt dat je niet afhankelijk mag zijn van je kinderen.’
‘Maar ik ben niet afhankelijk van jou,’ protesteerde ik zwakjes.
Ze lachte bitter. ‘Mam, je weet zelf ook dat je AOW en die kleine pensioen nauwelijks genoeg zijn om rond te komen. De boodschappen worden duurder, de energierekening stijgt elk jaar… Ik wil niet dat je jezelf tekortdoet.’
Ik wilde haar zeggen dat het wel ging – dat ik kon bezuinigen op vlees of de verwarming lager kon zetten – maar ze hield vol.
‘Laat mij dit nou gewoon doen,’ zei ze. ‘Zie het als een investering in mijn eigen gemoedsrust.’
Toch bleef het knagen. Vooral als Daan erbij was en hij achteloos opmerkingen maakte als: ‘Je moeder redt zich prima, toch?’ of ‘Wij moeten ook op de centen letten met die inflatie.’
Soms voelde ik me een indringer in hun leven – een last die Marieke heimelijk moest dragen.
De spanning liep op toen Daan op een dag onverwacht langskwam om iets te brengen wat Marieke vergeten was.
‘Hoi Anja,’ zei hij opgewekt terwijl hij de gang binnenstapte met een tas boodschappen.
‘Hoi Daan,’ antwoordde ik nerveus.
Hij keek rond en zijn blik bleef hangen op de nieuwe waterkoker op mijn aanrecht.
‘Nieuwe waterkoker?’ vroeg hij.
Ik voelde mijn wangen gloeien. ‘Ja… De oude was stuk.’
‘Mooi ding,’ zei hij langzaam. ‘Die zijn tegenwoordig best prijzig.’
Ik knikte zwijgend en hoopte dat hij niet verder zou vragen.
Die avond belde Marieke in paniek.
‘Mam! Heeft Daan iets gevraagd over geld of zo?’
‘Nee hoor, maak je geen zorgen,’ loog ik.
Maar het schuldgevoel vrat aan me. Ik begon mezelf af te vragen of ik haar niet juist in gevaar bracht door haar geld aan te nemen.
De weken gingen voorbij en elke maand kwam er weer geld binnen – altijd met dezelfde waarschuwing: ‘Niet tegen Daan zeggen!’
Op een dag zat ik met mijn buurvrouw Els koffie te drinken toen ze terloops vroeg: ‘Hoe gaat het financieel eigenlijk? Je hebt toch geen hulp nodig?’
Ik lachte ongemakkelijk. ‘Ach, het gaat wel… Marieke helpt soms een beetje.’
Els knikte begrijpend. ‘Dat doen kinderen tegenwoordig vaker hoor. Maar het lijkt me lastig als je daarover moet liegen tegen je schoonzoon.’
Ik zweeg en staarde naar mijn handen.
Het werd steeds moeilijker om het geheim te bewaren – vooral toen Sophie jarig was en Daan voorstelde om samen een weekendje weg te gaan naar Texel.
‘We nemen oma toch ook mee?’ vroeg Sophie enthousiast.
Daan keek bedenkelijk naar Marieke. ‘Dat wordt wel duur allemaal…’
Marieke glimlachte gespannen naar mij. ‘We zien wel hoe we het regelen.’
’s Avonds belde ze me weer.
‘Mam, alsjeblieft… zeg gewoon dat je niet mee kunt omdat je niet lekker bent of zo.’
‘Maar lieverd, Sophie kijkt er zo naar uit…’
‘Ik weet het! Maar Daan is nu al gestrest over geld en als hij denkt dat jij niet kunt betalen…’
Ik voelde tranen prikken achter mijn ogen. ‘Het spijt me zo dat ik jullie tot last ben.’
‘Je bent geen last!’ riep Marieke fel. ‘Jij hebt alles voor mij opgeofferd! Dit is het minste wat ik kan doen.’
Toch zei ik af voor het weekendje Texel – zogenaamd vanwege migraine.
’s Nachts lag ik wakker en dacht aan vroeger: hoe ik Marieke’s haren vlocht voor school, hoe we samen pannenkoeken bakten op zondag, hoe ze huilde toen ze voor het eerst naar de middelbare school ging omdat ze bang was niemand te kennen.
En nu? Nu hielden we samen een geheim in stand dat ons beiden langzaam verstikte.
Op een dag stond Daan onverwacht voor mijn deur – alleen dit keer zonder boodschappen of vrolijke praatjes.
‘Anja… mag ik even binnenkomen?’
Mijn hart sloeg over.
Hij ging zitten aan de keukentafel en keek me recht aan.
‘Ik heb iets gehoord van Els… over geld.’
Mijn adem stokte.
‘Klopt het dat Marieke je elke maand geld stuurt?’
Ik voelde hoe mijn handen trilden terwijl ik mijn kopje vasthield.
‘Daan…’ begon ik aarzelend.
Hij zuchtte diep en wreef over zijn gezicht.
‘Waarom heeft niemand mij dit verteld? Waarom moest dit allemaal stiekem?’
Ik wist niet wat ik moest zeggen. Alles wat ik kon denken was: omdat we bang waren voor jouw oordeel… omdat we dachten dat jij ons niet zou begrijpen… omdat we elkaar wilden beschermen tegen jouw teleurstelling.
Uiteindelijk zei ik zacht: ‘Omdat we elkaar wilden beschermen.’
Daan zweeg lang en stond toen op.
‘Ik moet hierover nadenken,’ zei hij kortaf voordat hij vertrok.
Die avond belde Marieke huilend op.
‘Hij weet het, mam! Hij weet alles!’
Ik probeerde haar te troosten maar voelde mezelf breken onder het gewicht van haar verdriet én mijn eigen schuldgevoel.
De dagen daarna hoorde ik niets van Daan of Marieke. Ik sliep slecht, at nauwelijks en voelde me ellendig.
Pas na een week belde Marieke weer.
‘Mam… we hebben gepraat. Het was heftig, maar… Daan begrijpt nu waarom ik je wilde helpen. Hij is nog steeds boos dat we hem buiten hebben gesloten, maar hij snapt het wel beter nu.’
Er viel een last van mijn schouders – maar er bleef ook iets knagen: had ik dit kunnen voorkomen? Had ik eerlijker moeten zijn?
Nu zit ik hier aan dezelfde keukentafel waar alles begon en vraag ik me af: Hoeveel geheimen kan een familie dragen voordat ze breken? En wat is belangrijker: eerlijkheid of bescherming?