Alles kwijt na de dood van mijn broer: wat blijft er over als familie uit elkaar valt?
‘Dus dat was het dan?’ Mijn stem trilde terwijl ik naar de lege woonkamer keek, waar de geur van mijn broer nog in de gordijnen hing. Marieke stond tegenover me, haar armen strak over elkaar gevouwen. ‘Het is wat het is, Anne,’ zei ze, haar blik koel. ‘Pieter heeft alles aan mij nagelaten. Dat weet je.’
Ik voelde mijn hart bonzen in mijn borst. Alles aan deze situatie voelde verkeerd. Mijn broer Pieter was nog geen maand geleden overleden, en nu stond ik hier, in het huis waar we samen als kinderen hadden gespeeld, maar dat nu niet meer van ons was. Marieke had het huis, de spaarrekeningen, zelfs de oude platencollectie van onze vader. En ik? Ik had een kartonnen doos met vergeelde foto’s en een paar brieven die Pieter me ooit had geschreven.
‘Weet je nog hoe we hier vroeger verstoppertje speelden?’ probeerde ik, hopend op een sprankje herkenning of mededogen. Maar Marieke haalde haar schouders op. ‘Dat is lang geleden, Anne. Dingen veranderen.’
Dingen veranderen. Ja, dat was zeker waar. Sinds de dood van onze ouders was Pieter altijd mijn anker geweest. We waren geen typische hechte familie; onze moeder was afstandelijk, onze vader vaak afwezig door zijn werk als vrachtwagenchauffeur. Maar Pieter en ik hadden altijd elkaar gehad. Tot hij Marieke ontmoette.
Ik herinner me nog hoe hij haar voor het eerst meenam naar het huis in Utrecht. Ze was charmant, slim, en wist precies hoe ze Pieter moest laten lachen. In het begin vond ik haar aardig, maar naarmate de jaren verstreken, merkte ik dat Pieter steeds meer afstand nam. Familiediners werden zeldzamer, telefoontjes korter. En nu, na zijn dood, voelde het alsof ik niet alleen mijn broer was kwijtgeraakt, maar ook het laatste beetje familie dat ik nog had.
‘Je mag de foto’s houden,’ zei Marieke plotseling, alsof ze me een gunst deed. ‘Daar heb ik toch niks aan.’
Ik slikte mijn woede in. ‘Het gaat niet om spullen, Marieke. Het gaat om herinneringen. Om wat Pieter voor mij betekende.’
Ze keek me aan met een blik die ik niet kon peilen. ‘Iedereen verwerkt verlies op zijn eigen manier, Anne. Maar dit is nu eenmaal hoe Pieter het geregeld heeft.’
Ik wist dat ze gelijk had; het testament was duidelijk. Alles ging naar haar. Maar waarom voelde het dan alsof ik niet alleen Pieter was verloren, maar ook mezelf?
De weken die volgden waren een waas van leegte en routine. Ik ging naar mijn werk in de bibliotheek, sprak nauwelijks met collega’s en kwam thuis in een stil appartement waar niemand op me wachtte. De doos met foto’s stond op tafel, onaangeroerd.
Op een avond kon ik het niet langer negeren. Ik zette een kop thee en opende de doos. Bovenop lag een foto van Pieter en mij op het strand van Scheveningen, onze armen om elkaar heen geslagen, zand tussen onze tenen en zon in ons haar. Ik voelde de tranen prikken achter mijn ogen.
‘Waarom heb je me achtergelaten?’ fluisterde ik tegen de foto.
Mijn telefoon trilde op tafel. Een appje van mijn moeder: ‘Hoe gaat het met je?’ Kort en krachteloos. Ze had nooit goed geweten hoe ze met emoties om moest gaan.
Ik besloot haar te bellen. ‘Mam?’
Ze klonk verrast me te horen. ‘Anne? Alles goed?’
‘Niet echt,’ gaf ik toe. ‘Ik voel me zo alleen sinds Pieter weg is.’
Er viel een stilte aan de andere kant van de lijn. ‘Ja… het is moeilijk voor iedereen.’
‘Maar jij hebt tenminste nog contact met Marieke,’ zei ik bitterder dan ik wilde.
‘Ze is nu familie,’ zei mijn moeder zachtjes.
‘En ik dan?’
Weer stilte.
Na het gesprek bleef ik achter met een gevoel van onzichtbaarheid dat ik niet van me af kon schudden.
Op een dag besloot ik naar het huis van Pieter te gaan om afscheid te nemen – echt afscheid. Ik belde aan; Marieke deed open met een vermoeide blik.
‘Wat kom je doen?’ vroeg ze zonder omhaal.
‘Ik wil gewoon even… binnen zijn. Voor de laatste keer.’
Ze zuchtte diep maar liet me binnen.
Het huis voelde vreemd leeg zonder Pieter’s aanwezigheid. Zijn gitaar stond nog in de hoek, maar het stof lag er dik op.
‘Weet je nog dat hij altijd speelde als hij zich rot voelde?’ vroeg ik zachtjes.
Marieke knikte nauwelijks zichtbaar.
‘Hij miste jou ook wel eens, weet je,’ zei ze plotseling.
Ik keek haar verbaasd aan.
‘Hij wist niet hoe hij jullie band moest behouden nadat hij met mij was getrouwd,’ vervolgde ze. ‘Hij voelde zich verscheurd tussen ons.’
De woorden kwamen hard aan. Was ik dan ook schuldig aan deze afstand?
‘Misschien hebben we elkaar allemaal een beetje verloren,’ fluisterde ik.
Marieke keek weg en veegde snel een traan weg.
‘Het spijt me dat het zo gelopen is,’ zei ze zachtjes.
We zaten samen in stilte aan de keukentafel, twee vrouwen die allebei iemand hadden verloren maar elkaar niet konden bereiken.
Toen ik vertrok, gaf ze me een envelop mee. ‘Dit vond ik tussen zijn spullen,’ zei ze.
Thuis maakte ik de envelop open en vond een brief van Pieter aan mij:
‘Lieve Anne,
Ik weet dat we uit elkaar zijn gegroeid en dat doet me pijn. Maar jij bent altijd mijn zus gebleven, mijn beste vriendin uit onze jeugd. Vergeet nooit hoeveel je voor me betekende – en nog steeds betekent.’
De tranen stroomden over mijn wangen terwijl ik de brief las. Misschien had Pieter ons beiden willen beschermen tegen pijn – maar uiteindelijk zaten we allebei met lege handen.
De dagen daarna dacht ik veel na over wat familie eigenlijk betekent. Is het bloed? Herinneringen? Of gewoon het feit dat je ooit samen hebt gelachen?
Op Facebook zag ik foto’s van Marieke met haar nieuwe vriend – alweer verder gegaan met haar leven. Mijn moeder stuurde af en toe een berichtje, maar echt contact kwam er niet meer.
Ik bleef achter met mijn doos foto’s en die ene brief – tastbare bewijzen dat ik ooit deel uitmaakte van iets groters dan mezelf.
Soms vraag ik me af: als alles uiteindelijk draait om geld en bezit, wat blijft er dan nog over van familie? Zijn herinneringen genoeg om jezelf bij elkaar te rapen als alles om je heen uit elkaar valt?
Misschien zijn er anderen die zich net zo voelen als ik – onzichtbaar in hun eigen familieverhaal. Wat zouden jullie doen? Hoe vind je jezelf terug als je alles kwijt bent behalve herinneringen?